Oud nieuws uit Winschoten:

nieuwsberichten uit de negentiende en twintigste eeuwWinschoter Courant

 

Index nieuwsberichten

 

Nieuwsblad van het Noorden, 2 december 1894

Een listige diefegge

Een zekere virtuositeit in het uitvinden van uitvluchten, mits gaders een goede dosis "uithoudingsvermogen" in het ontkennen wat haar werd ten laste gelegd, konden niet worden gezegd dat Jantje K., een 21-jarige strijkster, alhier, die daarna wegens diefstal terecht stond, ontbraken.

Jantje was als strijkster in dienst geweest in de waschinrichting van den heer v.d. B., alhier. De 8en September had een van 's heeren v.d. B's personeel, Albert K., opgemerkt dat Jantje in plaats van om half zeven 's morgens om zes uur reeds in de fabriek kwam; dat zij toen naar boven ging, waar zij niets te maken had, en dat zij vervolgens uit de strijkkamer een mandje naar de schaftkamer had overgebracht. In het bijzijn van K. en van de strijkster Harmke L. had de heer v.d. B., door K. gewaarschuwd, Jantje het mandje laten uitpakken, waar uit toen te voorschijn waren gekomen: een bont-katoenen rok, een boezelaar en een borstrok. De rok, had Jantje verklaard, was haar eigendom; de boezelaar was óók van haar. had zij gezegd, doch toen de heer v.d. B. haar overtuigend had bewezen , dat dit kleedingstuk niet van haar kòn zijn, had zij geantwoord dat zij zich dan zeker vergist had, want dat zij precies zoo'n schort had als in haar mandje lag. En van den borstrok had zij gezegd niets te weten: dien had zeker een ander bij vergissing in haar mandje gestopt!

Ook voor de Rechtbank voerde bekl. die verdediging. 't Ging hier uitsluitend om den bont-katoenen rok; beslist hield Jantje vol, dat zij het goed voor den rok had gekocht, en daarna het kleedingstuk zelf op de machine had genaaid.

De jongejuffrouw Clara de B., uit Winschoten, wie de rok toebehoorde, wist echter eenige sterk-sprekende bewijzen bij te brengen, dat het haar rok was, en dat hij onmogelijk door bekl. kon zijn gemaakt, terwijl Clara's mama aan dezelfde kenteekenen den in judicio aanwezigen rok als dien van haar dochter herkende. Voor bekl. was dit echter volstrekt geen reden om op haar ontkentenis van het haar ten laste gelegde terug te komen.

Het O.M. achtte, niettegenstaande deze pertinente ontkentenis, bekl.'s schuld wettig en overtuigend bewezen, en eischte hare veroordeeling, wegens diefstal, tot 2 maanden gev.-straf.

---

 De listige dievegge zal geweest:

Jantje Klatter, geb. Winschoten 1 jan. 1874, overl. Scheemda 3 april 1945, dr. van Jan Klatter en Aaltje Imminga, tr. Winschoten 12 april 1900 Jurjen Kraai, geb. Midwolda 15 juli 1866, landbouwer, overl. Scheemda 9 mei 1951, zn. van Hendrik Kraai en Antje Lula.

De bestolene Clara was de 16-jarige Clara Adèle de Beer, geb. Winschoten 20 februari 1878, overl. Sobibor 16 juli 1943, dr. van Heiman de Beer en Hester van Straaten, getrouwd met David Mannes Keizer.